Het voorhoofd is wit, soms crèmekleurig, tot aan het oog.
Tussen de snavel en het oog, ook wel de teugel genoemd, is de kleur geel.
Rond de ogen is er een vrij grote intens rode vlek.
Ter hoogte van het oor is een zwarte vlek.
De kroon is donkergroen maar met een doffe blauwe waas.
De nek en het achterhoofd zijn donkergroen geschubd door de zwarte omranding.











